Sociale media beïnvloeden genderidentiteit bij jongeren

36% van transgender jongeren zegt dat sociale media hun genderidentiteit beïnvloedde. Onderzoek verbindt schermtijd met hogere kans op transgender-identificatie, terwijl TikTok eenzijdige transitieverhalen verspreidt.

Sociale media zijn voor veel jongeren de plek waar ze hun identiteit verkennen — ook genderidentiteit. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat dit verkennen zowel helpend als schadelijk kan zijn, afhankelijk van wat er op het scherm verschijnt.

Cijfers: directe invloed erkend

  • 36% van de bevraagde transgender jongeren zei dat sociale media hun genderidentiteit hadden beïnvloed
  • 60% had hun genderidentiteit online uitgeprobeerd vóórdat ze dit offline deden
  • Een derde had zich online "geout" voordat ze dit deden tegenover familie of vrienden
  • Bijna 9 op de 10 had zichzelf online gepresenteerd in een andere genderrol dan het geboortegeslacht

Harvard-studie: schermtijd en transgender-identificatie

Adam Omary, promovendus aan Harvard University, volgde ruim 11.000 Amerikaanse kinderen van 8 tot 15 jaar. Bevinding: meer schermtijd correleerde met een hogere kans op transgender-identificatie. Dit is een correlatie, geen bewijs van oorzakelijkheid — maar het patroon is consistent genoeg om serieus te nemen.

TikTok: succesvolle transitieverhalen domineren

Op platforms als TikTok en YouTube domineren video's van mensen die hun transitie als positief en bevrijdend presenteren. Tegelijkertijd worden video's die twijfels, spijt of detransitie beschrijven minder goed algoritmisch gepromoot. Dit creëert een selectief beeld.

Wat dit betekent

Sociale media vormen een krachtige omgeving voor identiteitsvorming bij jongeren. Ouders en hulpverleners doen er verstandig aan om te bespreken welke content een jongere volgt, en welk beeld van transitie dat oplevert.


Bronnen:

  • Social media use and experiences among transgender and gender diverse adolescents. PMC (2024). PMC
  • Omary A. (2025). A Biopsychosocial Model of Adolescent Gender Dysphoria. Harvard University.